Ziekenhuis begeleidt studenten via video

ALKMAAR – Artsen in het Medisch Centrum Alkmaar (MCA) kunnen voortaan hun studenten begeleiden via een beeldscherm.
Ze gaan arts-assistenten in opleiding en verpleegkundige endoscopisten doceren via videosupervisie. Het MCA maakte donderdag bekend dat het het eerste ziekenhuis in Nederland is dat hiervoor videomanagement inzet.

Artsen kunnen in een latere fase van de opleiding vanaf hun eigen werkkamer meekijken hoe de arts-assistent en verpleegkundige endoscopist met een bestuurbare slang de slokdarm, maag of darmen van een patiënt inspecteren. Via een microfoon en koptelefoon kan de arts bovendien advies geven.

Het grote voordeel van videosupervisie is dat de arts meer aandacht kan besteden aan patiëntenzorg, terwijl de kwaliteit van het onderzoek toch is gewaarborgd, aldus het ziekenhuis.

Bron: Nu.nl

Persbericht KNMG: nieuw: één set kwaliteitsnormen voor alle specialisten en profielartsen

Met het nieuwe Kwaliteitskader medische zorg Staan voor kwaliteit zorgt de KNMG samen met de wetenschappelijke verenigingen voor één heldere set kwaliteitsnormen voor alle huisartsen, artsen voor verstandelijk gehandicapten, specialisten ouderengeneeskunde, medisch specialisten, bedrijfsartsen, verzekeringsartsen, artsen MG en profielartsen. KNMG-voorzitter Kruseman: ‘We laten zien dat we als medische beroepsgroep staan voor onze medische kwaliteit. Daar willen en kunnen we zelf verantwoordelijk voor zijn.’

 

Het KNMG Kwaliteitskader bevat acht kwaliteitsdomeinen voor medische zorg. Deze zijn uitgewerkt in aanbevelingen aan artsen en hun verenigingen. Artsen krijgen hiermee een totaaloverzicht van de gangbare kwaliteitseisen, in onderlinge samenhang bezien. Van bevoegd handelen tot visitatie, van nascholingseisen tot omgaan met incidenten. Het kwaliteitskader maakt duidelijk wat de eigen beroepsgroep en de maatschappij van elke arts verwachten op het terrein van kwaliteitsbevordering en het afleggen van verantwoording.

Medische beroepsgroep neemt verantwoordelijkheid
De medische beroepsgroep zet hiermee een belangrijke stap in het (her)nemen van de regie bij het bepalen van kwalitatieve normen voor medisch handelen. Het kwaliteitskader stelt duidelijke eisen aan transparantie, kwaliteit en veiligheid. Dit helpt ook om ongewenste variaties en onduidelijkheden binnen de medische beroepsgroep terug te dringen. Arie Nieuwenhuijzen Kruseman, voorzitter artsenfederatie KNMG: ‘Als beroepsgroep laten we met dit kwaliteitskader zien dat we staan voor kwaliteit en professionaliteit. En dat we daar zelf verantwoordelijk voor willen en kunnen zijn.’

Persoonlijke score
De KNMG maakte ook een online checklist die de kwaliteitsactiviteiten van artsen dekken. Hiermee kunnen artsen hun persoonlijke score bepalen en zien zij in één overzicht de kwaliteitsnormen die nog openstaan.

Eerste reacties
Ernst Kuipers, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Maag-Darm-Leverartsen: ‘We leggen onszelf hiermee als wetenschappelijke verenigingen een format op, je moet er echt wat mee. Het stuk bevat bruikbare aanbevelingen, bijvoorbeeld over een state-of-the-art praktijkorganisatie, het aanspreken van je collega op gedrag en het actueel houden van je dossier.’

Hans van der Schoot, arts-bestuurder van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen: ‘Dokters hebben zich te lang de verantwoordelijkheid voor de medische kwaliteit en de handhaving van bijpassende normen laten ontglippen. Het is een heel goede zaak dat dokters die duizendjarige traditie weer krachtig oppakken.’

Cynthia Vogeler, programmadirecteur zorg bij de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie: ‘Prima dat het kwaliteitskader een vaste plek geeft aan belangrijke waarden zoals intervisie. Er zou wel meer in mogen doorklinken dat de kwaliteit van zorg een gezamenlijk product van arts en patiënt is.’

Guido Muijsers, gynaecoloog en voorzitter kwaliteitscommissie in ziekenhuis Rivierenland: ‘Verantwoording afleggen over kwaliteit is niet eenvoudig, maar het KNMG Kwaliteitskader geeft concrete handvatten. De aanbevelingen zijn heel herkenbaar: IFMS, indicatoren, kwaliteitsvisitaties, alles komt erin terug.’Eén sjabloon voor uniforme kwaliteitsrapportage’ – interview dr. Muijsers

Bron: NOV

Medisch Contact: Orthopeden tegen beperking zorgaanbod

De Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV) voert actie tegen plannen van zorgverzekeraar Menzis om het aantal ziekenhuizen waar heupprothesen geplaatst kunnen worden te beperken. De vereniging waarschuwt patiënten via posters en folders voor de gevolgen die dit voor hen kan hebben.

Afgelopen najaar liet zorgverzekeraar Menzis weten dat het aantal ziekenhuizen waar heupprotheses geplaatst kunnen worden in vier regio’s beperkt zal worden. In de regio’s Groningen, Twente, Gelderland en Den Haag zullen vanaf 2012 de heupoperaties enkel worden vergoed in ziekenhuizen waarmee Menzis een contract heeft afgesloten. In de rest van het land kunnen verzekerden wel in ieder ziekenhuis terecht.

De orthopedenvereniging heeft onder meer kritiek op de manier waarop Menzis de ziekenhuizen heeft geselecteerd waar nog wel heupprothesen geplaatst kunnen worden. Daarbij was sprake van willekeur, stelt NOV-voorzitter prof. Jan Verhaar, orthopeed in het Erasmus MC. ‘We hebben geen hoge pet op van de selectieprocedure van Menzis. In verschillende gesprekken hebben we aangeboden om mee te denken hoe je kwaliteit van de orthopedische zorg het beste kunt beoordelen, maar men heeft onze hulp afgewezen. De zorgverzekeraar bedrijft politiek en gaat los van de inhoudsdeskundigen de zorg regisseren. Wij denken dat dit geen goede ontwikkeling is voor onze patiënten.’

Verder stelt de NOV dat een belangrijk argument van Menzis om het zorgaanbod te beperken – verbetering van de kwaliteit door concentratie van zorg – niet geldt voor het plaatsen van heupprotheses. ‘Verbetering van kwaliteit door concentratie van zorg geldt met name voor laagvolume zorg’,aldus Verhaar. ‘Hier is echter sprake van hoogvolume zorg, met in een gemiddeld Nederlands ziekenhuis 300 ingrepen per jaar. Er zijn geen bewijzen dat het verhogen van de volumina in deze gevallen leidt tot een betere kwaliteit.’

Ook is het nog maar zeer de vraag of dit leidt tot goedkopere zorg, stelt Verhaar. ‘In ieder geval zullen veel patiënten te kampen hebben met meer reistijd en reiskosten.’

Daarbij zijn er volgens de NOV in de komende jaren juist meer centra voor orthopedische zorg nodig. Naar verwachting zal het totale aantal benodigde heupprothesen de komende twintig jaar stijgen van ongeveer 22.000 per jaar naar 55.000 per jaar.

Belangrijkste doel van de actie, waarvoor folders en posters zijn verspreid in de ziekenhuizen, is het informeren van de patiënt. Verhaar: ‘We vinden dat de patiënten moeten weten dat dit speelt. Iedereen is vrij om zijn zorgverzekeraar te kiezen. En er zijn polissen die de patiënt wel de vrijheid geven om te kiezen in welk ziekenhuis hij een heupprothese krijgt.’

Bron: NOV