In de literatuur wordt gesproken over de vele goede resultaten die met de huidige totale knieprothesesystemen worden behaald. Maar klinische gegevens zijn niet per definitie een afspiegeling van de tevredenheid van de patiënt of het daadwerkelijke functioneren bij de patiënt. Op de belangrijkste voordelen van een unicondylaire knieprothese ten opzichte van een totale knieprothese – proprioceptie en een normale gang, als gevolg van het behoud van de voorste kruisband en van de kapselstructuren – wordt in verschillende onderzoeken ingegaan.
De unicondylaire knieprothese heeft weliswaar vele voordelen, maar slechts een beperkt indicatiegebied. 1
Bij veel totale knieprothesebehandelingen zijn de mediale en patellofemorale gedeelten van de knie aangetast, maar is het laterale gedeelte nog in een prima staat.
- bij een onderzoek onder 100 opeenvolgende patiënten bleken er 73 dit slijtagepatroon te hebben.2
- bij een reeks van 600 patiënten bleek patellofemorale artrose in 65% van de gevallen samen te hangen met mediale femorotibiale vernauwing.3
Het JOURNEY DEUCE-bicompartimentele kniesysteem is een revolutionair concept waarbij de mediale tibiofemorale en patellofemorale compartimenten worden vervangen door een femorale component met een mediale unitibiale component. Zo kunnen de voordelen van een unicondilaire prothese worden benut, terwijl normaal gesproken een totale knieprothese zou worden aangebracht. De laterale zijde van zowel femur als tibia wordt niet vervangen.
Klinische referenties
1. Laurencin CT, Zelicof SB, Scott RD, Ewald FC. Unicompartmental versus total knee arthroplasty in the same patient. A comparative study. Clin Orthop Relat Res. 1991 Dec;(273):151–156.
2. Stern SH, Becker MW, Insall JN. Unicondylar knee arthroplasty. An evaluation of selection criteria. Clin Orthop Relat Res. 1993 Jan;(286):143–148.
3. Rolston L, Sprague J, Tsai S, Salehi A. A novel bone/ligament sparing prosthesis for the treatment of patellofemoral and medial compartment osteoarthritis. AAOS 2006 Annual Meeting, Poster #P181.
4. Cartier P, Sanouiller JL, Grelsamer R. Patellofemoral arthroplasty. 2-12-year follow-up study. J Arthroplasty. 1990 Mar;5(1):49–55.
Behandeling van beide aangetaste compartimenten
Hoewel in sommige onderzoeken wordt gesuggereerd dat een unicondylaire knieprothese ook bij patellofemorale klachten mogelijk is, bestaat er kans op patellofemorale pijn en voortijdig falen. Uit een onderzoek blijkt dat dagelijkse activiteiten zoals traplopen en opstaan uit een stoel gepaard kunnen gaan met patellofemorale pijn en degeneratie.5 Het JOURNEY DEUCE-systeem biedt chirurgen de mogelijkheid om patiënten met bicompartementele aandoeningen volledig te behandelen met een ingreep die minder invasief is dan een totale knieprothese.
Klinische referenties
5. Hernigou P, Deschamps G. Patellar impingement following unicompartmental arthroplasty. J Bone Joint Surg Am. 2002 Jul;84-A(7):1132–1137.
Behoud van normale beweging
Net als bij een unicondylaire knieprothese, blijft bij het JOURNEY DEUCE-bicompartimentele kniesysteem de voorste kruisband behouden en is geen mediale, laterale of posterieure release nodig. Hierdoor blijft de normale proprioceptie in stand.
Behoud van botmassa
Bij het JOURNEY DEUCE-systeem hoeft ongeveer 50% minder botmassa te worden verwijderd dan bij een totale knieprothese.6 Het laterale compartiment blijft daardoor intact, waardoor de botmassa en de anatomische gewrichtsopbouw gespaard blijven.
Klinische referenties
6. Jordan J. Volumetric comparison of a DEUCE Size 5 Left femoral in conjunction with a DEUCE Size 4 LM/RL tibial vase vs. a GENESIS II SPC Size 5 Left CR femoral in conjunction with a GENESIS II Size 4 Left tibial base using Unigraphics. December 2006.
Voor sneller herstel
Het JOURNEY DEUCE-systeem kan indien gewenst worden geplaatst via een minimaal invasieve benadering. Het herstel van de patiënt is vergelijkbaar met een unicondylaire knieprothese, met minder bloedverlies en minder pijn.7
Klinische referenties
7. Rolston L, Bresch J, Engh G, et al. Bicompartmental knee arthroplasty: a bone-sparing, ligament-sparing, and minimally invasive alternative for active patients. Orthopedics. 2007 Aug;30(8 Suppl):70–73.
Vergroting van het aantal behandelopties
Het JOURNEY DEUCE-systeem met een femorale OXINIUM-component van geoxideerd zirkonium is een ideale keuze voor jongere en actievere patiënten.
Handhaaft flexibiliteit
Het JOURNEY DEUCE-kniesysteem is gebaseerd op het GENESIS II-totalekniesysteem. Bij beide systemen worden dezelfde anterieur-posterieur box cuts toegepast en de beproefde gelateraliseerde trochleagroeve wordt gebruikt, voor geoptimaliseerde patellaire tracking.8 Bij een mogelijke revisie is een conversie naar een primaire totale knieprothese mogelijk.
Klinische referenties
8. Bourne RB, Laskin RS, Guerin JS. Ten-year results of the first 100 Genesis II total knee replacement procedures. Orthopedics. 2007 Aug;30(8 Suppl):83–85.




